Van de fractie: schriftelijke vragen over jongerenhuisvesting

Volgens de landelijke monitor studentenhuisvesting van Kences zijn de prijzen van kamers in Groningen het afgelopen jaar nog verder gestegen. De markt is gespannen; er waren meer dan 2000 studenten die graag in de stad wouden wonen maar geen geschikte woonruimte konden vinden.

Het college heeft de afgelopen maanden echter het tegenovergestelde beweerd en heeft maatregelen getroffen die de markt nóg verder op slot zetten. Reden voor ons om onderstaande schriftelijk vragen te stellen.

Geacht college,

Op 1 oktober 2015 kwam de landelijke monitor studenthuisvesting van Kences uit, het jaarlijkse onderzoek naar studentenhuisvesting in Nederland.

In het voorjaar van 2015 bespraken we in de raad de woonvisie. Een belangrijk onderdeel hiervan was hoe we als stad de komende jaren omgaan met jongerenhuisvesting. De wethouder heeft destijds, bij het bepreken van de woonvisie, meegegeven dat er op dit moment geen kamer tekort is. Volgens het college is er geen sprake van een kwantitatieve vraag onder jongeren naar huisvesting, alleen een kwalitatieve vraag. Op basis van deze informatie heeft de raad de woonvisie goedgekeurd.

Het Kences rapport dat net is verschenen laat echter heel iets anders zien; de bevindingen van dit kenniscentrum zijn niet in lijn met wat de wethouder destijds heeft gezegd. Volgens het  rapport wilden 2300 jongeren in 2014-2015 wel in Groningen wonen, maar konden zij geen woning vinden.  Volgens het rapport is er inderdaad een kwalitatieve vraag van 6% maar daarnaast een bijna even grote kwantitatieve vraag van 4%.  De wethouder sprak tijdens de woonvisie van een ‘ontspannen’ kamermarkt, dat terwijl volgens de monitor de spanning op de kamermarkt de afgelopen jaar zelfs is toegenomen.

Het feit dat een extern onderzoek zulke afwijkende resultaten laat zien dan de informatie die wij hebben ontvangen van het college bij de woonvisie roept bij ons  de volgende kritische vragen op:

  1. De spanning op de kamerverhuurmarkt blijkt volgens het rapport toegenomen te zijn in 2014-2015. Tevens is er volgens Kences sprake van een kwantitatieve vraag.  Is het college bekend met dit onderzoek?
  1. Op basis waarvan heeft de wethouder de raad geïnformeerd dat de kamermarkt momenteel ‘ontspannen’ is?
  1. Het is zeer opmerkelijk dat de beweringen van het college haaks staan op wat de monitor studentenhuisvesting weergeeft. Is het college van mening dat de  meetinstrumenten die de gemeente hanteert geschikt zijn?
  1. Is de wethouder het met ons eens dat wanneer een extern onderzoek een ander beeld geeft van de huidige situatie dan waarop het gemeentelijk beleid is gebaseerd, we als gemeente serieus naar dit onderzoek en kritisch naar het gemeentelijke beleid moeten kijken?
  1. Is de wethouder het met ons eens dat we moeten hoe kijken hoe we naast de inmiddels vastgesteld woonvisie toch beleid kunnen maken om de kamermarkt op een gewenst ‘ontspannen’ niveau te krijgen?
  1. De basisbeurs is sinds dit studiejaar afgeschaft en omgezet in een lening. Vanwege het ‘studiescenario voorschot’ is de verwachting dat er 15% minder studenten in Groningen komen wonen. Groningen wordt van alle studentensteden in Nederland bijna het hardst geraakt door deze ontwikkeling. Hoe kijkt de wethouder hier tegenaan en welke maatregelen gaat het college treffen om dit tegen te gaan?
  1. We zijn nu aan het bijbouwen om te voorzien in de kwalitatieve vraag voor jongerenhuisvesting, ook met het oog op de toekomst. Maar de vraag van de 2300 studenten die naar Groningen willen komen om te studeren speelt nu. Het college hanteert echter maatregelen waardoor de kamerverhuurmarkt verder op slot wordt gezet. Wat gaat het college doen om deze kwantitatieve vraag op dit moment op te lossen?

We hopen binnen 6 weken antwoord te krijgen op deze vragen.

 

 

 

Comments are closed.