Sinds 2015 is de onttrekkingsvergunning ingevoerd. Een vergunning die je nodig hebt als je een huis wil opdelen in kamers en deze kamers zelfstandig wil gaan verhuren. Je ‘onttrekt’ het huis daarmee aan de reguliere verhuurmarkt, vandaar “ontrekkingsvergunning”. Alle verhuurders die een pand met meer dan twee kamers verhuren hebben een onttrekkingsvergunning nodig. Heb je die niet, dan moet je mensen het huis uit zetten, zodat er maximaal twee mensen blijven wonen.

De vergunning an sich is wat ons betreft niet zo’n probleem, op die manier kan je buurten evenwichtig verdelen. Het feit dat ze nu niet meer uit worden gegeven wel. Zo is het nu dus niet meer mogelijk om voor je kinderen een huis te kopen, hen daar te laten wonen, en nadien het huis weer te verkopen. Ons inziens niet de bedoeling, want zo zijn we meer en meer afhankelijk van de huisjesmelkers. Maar dat is niet het punt waar het nu om gaat.

In het hele proces rondom de invoering van de onttrekkingsvergunning heeft de gemeente volgens ons, en de ombudsman, een grove fout gemaakt. Er is niet goed over de nieuwe vergunning gecommuniceerd, terwijl de gemeente wel een informatieplicht heeft. Vanuit die plicht heeft het een brief gestuurd naar woningen waar drie of meer mensen in de leeftijd van 20 tot 26 jaar die niet dezelfde achternaam hebben. Broer en zus samen in één huis zijn daarmee dus niet geïnformeerd.

 

Wat dat precies voor gevolgen heeft gehad lees je hieronder:

Het zal je maar gebeuren, je kinderen gaan studeren. Fijn is natuurlijk anders, maargoed, ze kiezen voor Groningen, dus wat dat betreft ben je opgelucht. Je dochter studeerde er al en je zoon gaat er achteraan. Je hebt geluk, want je ben in staat om hen zelf te huisvesten. Je voorziet in een huis en brengt je zoon en dochter, samen met een vriendin daarin onder. 

Het is 2015, in Groningen verandert de wet- en regelgeving omtrent het verhuren van kamers. De gemeente heeft een informatieplicht en verstuurd daarom naar inwoners in de leeftijd van 20 tot 26 jaar die niet dezelfde achternaam hebben een informerende brief.

Maar ho, wacht, je zoon en dochter wonen in hetzelfde huis, hebben dezelfde achternaam en daarmee vallen ze niet binnen de selectiecriteria van de gemeente om de informerende brief te ontvangen. Je zoon en dochter ontvangen dus geen informatie van de gemeente over de gewijzigde wet en regelgeving. Ook het bericht in de krant gaat aan hun neus voorbij, want ze hebben een nee-nee sticker op de brievenbus. 

Jaren gaan voorbij, ze wonen rustig met z’n drieën, en alles gaat z’n gangetje. Of nouja, je dochter studeert af en je zoon, tsjah, die doet er gewoon iets langer over. Inmiddels woont hij samen met twee vrienden in het huis. En na die jaren staat er iemand op de stoep. Iemand van de gemeente die vraagt of het aantal ingeschrevenen in het huis klopt. Je zoon zegt nietsvermoedend ja, waarna blijkt dat er nieuwe wet en regelgeving is. Je hebt een onttrekkingsvergunning nodig.

Je dient een verzoek in bij de gemeente om orde op zaken te stellen. Je hebt immers nooit de intentie gehad om niet aan de wet- en regelgeving te voldoen. Je realiseert je dat je zelf op de hoogte had moeten blijven, maar verwacht enige coulance. Toch krijg je de deksel op je neus. Je had het verzoek voor 1 juli 2017 in moeten dienen en dat is inmiddels al even geleden.

Na nog een aantal pogingen en verzoeken die op niets uitmonden neem je contact op met de ombudsman. Deze verdiept zich in de zaak en krijgt meer meldingen. Je blijkt niet alleen te zijn, er zijn 350 mensen die potentieel tegen hetzelfde probleem aanlopen. De ombudsman schrijft een verzoek aan de gemeente.

 

Daar staan we nu. We hebben als gemeente nieuwe wet- en regelgeving ingevoerd, maar ons niet gerealiseerd dat de manier van communiceren niet helemaal goed was. En fouten maken mag, natuurlijk. Dan is het devies toegeven dat je fout zat en herstellen. Zorgen dat je het probleem niet nog groter maakt en je inwoners niet onnodig in de problemen brengt. 

Daarom hebben wij samen met VVD, CDA en de PVV een motie ingediend die verzoekt om deze fout te herstellen. Wat ons betreft zou iedereen die op 1 juni 2017 aan de regels voldeed nú alsnog aanspraak moeten maken op een vergunning.

Daar waren de collegepartijen het echter niet mee eens. De wethouder werd de hand boven het hoofd gehouden en er door te wijzen op eigen verantwoordelijkheid van de verhuurders werd er simpel voorbijgegaan aan de informatieplicht van de gemeente. Wij gaan daarom een tegeltje kopen voor PvdA wethouder Van der Schaaf: “zeker zijn van je huis uitgezet worden”. Waarvan akte.

 

Fractievoorzitter René Bolle van het CDA schreef over dit onderwerp tevens deze brief in het Dagblad van het Noorden. Hulde René.

 

 

Marten Duit | Fractievoorzitter
Marten Duit is fractievoorzitter van Student en Stad

Hij studeerde fotografie aan de FotoAcademie en communicatie aan de Hanzehogeschool. Tegenwoordig heeft hij een eigen bedrijf als fotograaf en zit hij in het Algemeen Bestuur van de KEI-week.

Martenduit@studentenstad.nl
06-20751772

Comments are closed.